triest Rotterdam
Nieuwsbrief 9
Rotterdamse Sociale Alliantie,
netwerk tegen armoede,
sociale uitsluiting en verrijking

22 december 2010

mail@rosarotterdam.nl



Debat: De Hardwerkende Rotterdammer


SP ROTTERDAM NIEUWS 16-12-2010 

Woensdagavond stond Arminius in het teken van de 'Hardwerkende Rotterdammer.' Leo de Kleijn van de SP en Ronald Buijt van Leefbaar Rotterdam gingen hierover met elkaar in debat. Beiden hadden één overeenkomst: werk moet lonen. Het verschil tussen het bijstandsniveau en het minimumloon moet daarom groter worden. Daar hielden de overeenkomsten ook op, want daar waar Leefbaar vindt dat de bijstandsuitkering nog verder naar beneden kan, daar vindt de SP dat het minimumloon omhoog moet.

 

Na een korte opening van Ron van de Rhee (journalist tv-Rijnmond) mocht Buijt het standpunt van Leefbaar Rotterdam toelichten. “Werk moet lonen” stond centraal in zijn betoog, iets waar de SP zich in kan vinden. Zij denken dat het verlagen van de bijstand de toverformule is om de werkloosheid aan te pakken en armoede in Rotterdam te laten verdwijnen.
 

De Kleijn mocht vervolgens reageren op Buijt en daarnaast natuurlijk het SP standpunt toelichten. De Kleijn: “Leefbaar Rotterdam doet net of de bijstand de hemel op aarde is , maar dat is het voor de overgrote meerderheid zeker niet. De bijstand garandeert enkel een bestaansminimum wat wij als rijke samenleving willen garanderen.” Dat het bestaansminimum in Nederland onder druk staat, blijkt wel uit het ‘Armoedesignalement 2010’ van het Sociaal Cultureel Planbureau (dat woensdag werd gepresenteerd): het aantal kinderen dat opgroeit in armoede is inmiddels 9 procent en de kans dat een éénoudergezin te weinig geld heeft, is inmiddels meer dan 25 procent. Opvallend is ook dat het aantal mensen met een baan en toch arm is, is toegenomen tot 576 duizend. Als je kijkt naar de regionale spreiding van armoede, dan blijkt dat vooral in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam veel mensen wonen die weinig te besteden hebben.

 

De Kleijn: “Het grootste probleem is dat werk aan de onderkant van de arbeidsmarkt vooral bestaat uit pulparbeid, flexibele banen en te lage lonen.” De SP vindt ook dat werk moet lonen, maar zoekt de oplossing in het verhogen van het minimumloon, het mogelijk maken om deeltijdbanen te accepteren in de bijstand en het garanderen van CAO-lonen en arbeidsomstandigheden door uitzendbureaus. Waar Leefbaar en de SP elkaar konden vinden was op het doen van fiscale maatregelen voor de laagste inkomens, waardoor de lasten voor de werkgever niet stijgen, maar waardoor de werknemer netto wel meer overhoudt.

Will Tinnemans, auteur van ‘Onzeker bestaan, leven aan de rafelrand van de arbeidsmarkt’ schetste hoe het leven aan de onderkant van de arbeidsmarkt er echt uitziet. Echte bittere armoede kennen we in Nederland natuurlijk niet, maar om in Nederland sociaal mee te kunnen doen, heb je iets meer nodig dan het bestaansminimum. Vooral voor kinderen is het desastreus om in armoede te leven en op te groeien: zij worden buitengesloten op school omdat ze niet mee kunnen met de nieuwste trends. Tinnemans onderscheidde drie oorzaken die hebben geleid tot werkende armen: (1) marktwerking en privatisering hebben ertoe geleid dat werkgevers alleen nog op arbeid met elkaar kunnen concurreren, (2) de globalisering, met name het wegtrekken van arbeid naar lage lonen landen en (3) het activerende arbeidsmarktbeleid. Tinnemans: “Mensen aan de onderkant van de samenleving rollen van de ene baan in de andere. Ze werken dan weer drie dagen daar, vervolgens twee maanden hier en dan hebben ze een paar weken geen werk. Hierdoor kunnen deze mensen zichzelf nooit ontwikkelen, doorgroeien en een zeker bestaan opbouwen met een veilige toekomst is al helemaal niet aan de orde.”

Tinnemans vroeg aan Buijt en De Kleijn om te doen wat binnen hun macht als gemeenteraadslid ligt. Zij kunnen de Gemeente Rotterdam dwingen alleen in zee te gaan met bedrijven die een sociale bedrijfsvoering garanderen. Daarnaast kan de Gemeente Rotterdam ervoor zorgen dat er ruimere voorzieningen voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt worden gecreëerd.

Leo de Kleijn sprong hier direct op in en stelde dat wat hem betreft de Gemeente Rotterdam per direct alleen nog maar bedrijven inhuurt die een sociaal personeelsbeleid voeren, niet alleen voor aanbestedingen in de bouw, maar ook de schoonmakers in het stadhuis, de catering en de beveiliging.

De Rhee: “De gemeente kan verder gaan dan alleen Fairtrade Max Havelaar koffie schenken.”

 

Leo de Kleijn deed aan het eind van de avond nog een voorstel aan Leefbaar: “Laten we de vrijstelling voor de afvalstoffenheffing verhogen tot inkomens tot 150 procent van het minimum inkomen (nu 120 procent). Leefbaar leek toe te happen, maar krabbelde een beetje terug door te stellen dat dit dan voor alle Rotterdammers moet gelden. Buijt vergat dat ook de straatlantaarns moeten blijven branden en de vuilnis opgehaald dient te worden. De Kleijn: “Belasting betalen is geen straf. Doordat we belasting betalen hebben wij in Nederland een verzorgingsstaat kunnen opbouwen, waardoor wij geen bittere armoede kennen.”

Na een vruchtbare avond kon geconcludeerd worden dat Leefbaar vooral lijkt te willen scoren door in te spelen op het onderbuikgevoel van veel Rotterdammers. Daarbij richt het zich op het onbehagen dat veel ‘hardwerkende’ Rotterdammers voelen over het feit dat zij hard werken, en daarbij het gevoel hebben dat deels te doen om die bijstandtrekker op zijn zitzak te kunnen laten zitten. De SP kiest ervoor om de omstandigheden van de mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt te verbeteren, zonder de bijstandgerechtigden te pakken, want daardoor krijgen de werkende armen het echt niet beter.
 

terug